Yoga Zen doen

Bhagavad Gita: de weg naar verlossing

Bhagavad Gita: de weg naar verlossing

De Bhagavad Gita is een 6000 jaar oude spirituele tekst bestaande uit 700 verzen. Het wordt soms genoemd in yogalessen om naast asana’s, ook andere aspecten van yoga te integreren in een les. Waarom is deze tekst zo belangrijk voor de yogafilosofie?
Door Belle Jansen

De centrale les van de Bhagavad Gita gaat over dharma: ons doel, onze levensvervulling, onze eigen natuur. Het is beter om jouw eigen ‘taak’ in het leven slecht uit te voeren, dan dat van iemand anders perfect te doen. Om erachter te komen wat jouw levensvervulling is, moet je je innerlijke, essentiële aard vinden. Dit doe je door steeds meer zelfkennis te hebben, waardoor je jezelf beter zult begrijpen.

Innerlijk proces

In de Bhagavad Gita komt deze zoektocht naar voren in de vorm van een dialoog tussen Arjuna en Krishna. Arjuna is een prins die terecht is gekomen in een hevige strijd met familieleden om bezit over land en familierechten. Aan het begin van het verhaal zit Arjuna in zijn strijdwagen, samen met de wagenmenner Krishna. Op het moment dat Arjuna zijn wapens moet oppakken om de strijd aan te gaan, krijgt hij enorme angst en twijfels. Hij kan niet meer helder nadenken en voelt zich wanhopig. Hij is in tweestrijd: aan de ene kant heeft hij als krijger de plicht om te vechten en moet hij zijn rijk verdedigen en daarmee zijn dharma beschermen, maar aan de andere kant wil hij niet vechten tegen zijn eigen familie van wie hij houdt.

Om erachter te komen wat juist is, benadrukt Krishna het belang van zelfkennis: door kennis over jezelf en jouw individuele dharma worden alle beslissingen op karmisch gebied genomen; op basis van begrip en kennis, niet primaire hartstochten. Krishna vertelt Arjuna dat hij zich moet verlossen van zijn twijfels om zijn moeilijkheden te overwinnen:

ashocyān avashocastvam prajñāvādān ca bhāshase
gatāsūn agatāsūn ca na anushocanti panditah (2.11)
‘Je hebt verdriet over dat wat geen verdriet verdient, hoewel je wijze woorden spreekt. De wijzen treuren noch om de levenden, noch om de doden.’

karmanyakarma yah pashyed akarmani ca karma yah
sa buddhimān manushyesu sa yuktah krtsnakarmakrt (3.4)
‘Diegene die niet-handelen in handelen ziet en handelen in niet-handelen, is een wijze onder de mensen. Hij is een yogi, iemand die alles heeft bereikt wat er te bereiken is.’

De innerlijke en fysieke strijd waar Arjuna in de Bhagavad Gita mee geconfronteerd wordt staat symbool voor het innerlijke proces van worsteling, zelfbeheersing en opoffering waar iedereen wel eens mee te maken heeft.

Overwinning

In het zesde hoofdstuk van de Bhagavad Gita, het hoofdstuk dat het meest belangrijk is voor de yogafilosofie, legt Krishna aan Arjuna de ware betekenis van yoga uit. Het uiteindelijke doel van yoga is gelukzaligheid en het niet meer in aanraking komen met pijn en verdriet. Dit is waar yoga in z’n geheel voor staat, dus het gaat niet alleen om de fysieke oefeningen. Yoga helpt om afleiding te verminderen, fysieke ongemakken op te lossen en je geest te verstillen, zodat je beter leert luisteren naar je intuïtie en jezelf beter leert kennen. Dan pas kom je erachter wat je dharma in het leven is.

Iedereen heeft een doel in het leven, het is belangrijk om dat hogere doel telkens in je achterhoofd te houden. Misschien zijn de dingen die je moet doen om dat doel te bereiken niet altijd makkelijk of leuk, uiteindelijk helpen deze dingen jou wel om te komen waar je hoort zijn volgens jouw dharma. Krishna moedigt daarom aan: ‘Je zult naar de hemel gaan als je wordt gedood, of je zult van het aardse bestaan kunnen genieten als je overwint. Sta daarom op met het vaste besluit om de strijd aan te gaan, O, Arjuna’ (2.37).

Wat was voor jou moeilijk, maar heeft je op den duur verder gebracht?

You Might Also Like

Leave a Comment

Leave a Reply

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.