Psyche Zen denken

Wat als je slecht kunt relativeren?

Kunnen relativeren is misschien wel de meest waardevolle eigenschap die er is. Je ziet dingen in perspectief, waardoor je frustratie, stress en andere onnodige energieslurpers kunt voorkomen. Maar wat als je er helemaal niet goed in bent? 

Toen mijn fiets werd gestolen met al mijn sleutels er nog in, raakte ik in paniek. Ik wist niet hoe ik mijn huis binnen moest komen, voelde me dom en had al helemaal geen zin om het aan andere mensen te vertellen. Twee uur later kon ik er een beetje om lachen en dacht ik: ‘Ach, het is maar een fiets, maar wel jammer van mijn nieuwe sleutelhanger.’ Het relativeren ging dus aardig goed. Maar als ik naar de tandarts moet voor een ontstoken kies of minder positieve feedback krijg op mijn werk, lukt dit ineens een stuk minder goed. Heel frustrerend, want ik wil niets liever dan dat relativeren een tweede natuur is. Het scheelt niet alleen veel energie, maar ik vind het ook een bewonderenswaardige eigenschap. Gelukkig kun je relativeren óók leren. Dit helpt mij daarbij:

Is het morgen nog belangrijk?

Tijd gaat snel en als je er niet bewust mee omgaat, gaat het nog veel sneller. Jammer, maar het heeft ook voordelen. Stel dat je teleurgesteld bent dat je favoriete ijs uitverkocht is of de trein net voor je neus wegrijdt, dan kun je je afvragen of het morgen nog belangrijk is. De kans is groot dat het antwoord ‘nee’ is. Maar stel dat je je tand verliest (nachtmerrie!) of wordt ontslagen, dan heeft het meer tijd nodig. Morgen is het nog belangrijk, volgende week en volgende maand waarschijnlijk ook, maar volgend jaar? Misschien wel niet. Door de gebeurtenis aan tijd te koppelen, kun je inschatten of je het nú moet relativeren of dat je het best wat tijd mag geven.

Alles komt altijd goed

Als mensen zeggen dat alles altijd weer goed komt, denk ik vaak: ‘Ja, ja, ja, maar nu dus nog niet’. Het lijkt misschien een dooddoener, maar uiteindelijk is het waar. Sommige dingen hebben tijd nodig om goed, beter of iets daar tussenin te worden, dat kun je moeilijk afdwingen. Maar er vertrouwen in hebben dat het weer goed komt, helpt al een stuk.

Bekijk het van een afstand

Mijn moeder kan van nature heel goed relativeren, iets dat mij vroeger en nu nog steeds veel helpt. Daarom vroeg ik haar om een tip, ze gaf het volgende antwoord: “Ik bekijk alles even van een afstand en denk dan: ‘is het zo erg? kan ik het veranderen?’ Dan zet ik het in perspectief van hoge bergen, grote stenen, zeeën en oceanen.” Een goede tip, want de grootste problemen of teleurstellingen blijken ineens heel klein te zijn als je het van een afstand bekijkt.

Zie het door de ogen van iemand anders

Iedereen vindt andere dingen lastig om te relativeren. En sommige mensen zijn zo flexibel, dat ze de stap relativeren bijna overslaan. Dat is soms lastig, want het kan het gevoel geven dat jouw ‘probleem’ niet serieus wordt genomen. Stel dat je al weken druk bent in je moestuin en door een flinke regenbui er niets meer van overblijft of dat je nummer twee wordt bij een sollicitatie, dan is het vervelend als iemand zegt: “Ach ja, volgende keer beter.” Maar deze nuchtere kijk op de situatie, kan ook juist helpen om het te relativeren. Want iets door de ogen van iemand anders bekijken, creëert automatisch afstand. De afstand om het in perspectief te zien.

Wat helpt jou om dingen te relativeren? 

You Might Also Like

Leave a Comment

Leave a Reply

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.